Studies
Na mijn lagere school werd ik samen met vijf andere jongens gerekruteerd voor de eerste lichting klassieke humaniora aan het Sint-Maartencollege te Lede. Het was pionierstijd. Aangezien de homologatie nog in orde moest komen, was er voortdurend bezoek van inspecteurs allerhande. Vooral die van Latijn was een echte boeman. We kregen ook met zijn zessen les op gewezen slaapkamers in het huis van de priesters aangezien er nog geen klaslokaal beschikbaar was. Het Sint-Maartencollege van toen was een warme, menselijke school met erg jonge vooruitstrevende leraars die enorm met hun school waren begaan. Dat veranderde wel een flink beetje toen ik na de lagere graad mijn studies latijn-wiskunde vervolgde aan het Sint Maartensinstituut te Aalst. Het grote ‘klein’ kollege kwam ons in het begin over als een echte fabriek. We hadden de indruk ineens nummers te zijn in plaats van mensen. Als jongens van den buiten moesten we bovendien erg hard knokken om een plaatsje in de groep te bemachtigen. Dat wou aanvankelijk helemaal niet meevallen en onze studieresultaten waren navenant :allemaal 20% gedaald ten opzichte van het vorige jaar! Vanaf het tweede jaar in Aalst lukte het evenwel beter en geleidelijk werden mijn studieresultaten opnieuw toonbaar. Het ‘klein college’ was een sterk op prestatie gerichte school. ‘Non recuso laborem’ (ik schuw de arbeid niet) was er niet voor niets het devies. We leerden er vooral hard werken, maar ook onze kritische geest werd sterk aangescherpt en we konden incasseren. Je kon er - ook met de priester-leraars - over van alles en nog wat discussiĆ«ren en het gezag voortdurend bevragen. Met die achtergrond – hard werken en de wereld willen verbeteren - schreef ik mij In 1969 in aan de toenmalige Rijksuniversiteit Gent. Het was de tijd van de grote studentenprotesten, die na mei ’68 ook naar Vlaanderen waren overgewaaid. De tijd ook van ‘Leuven Vlaams’. De studenten hadden de arbeiders ontdekt en vooral de zonen en dochters van rijkere ouders deden hard hun best om zich zo proletarisch mogelijk te gedragen. Voor mij en mijn vrienden, die allen uit niet universitaire milieus kwamen bleef dat vooral een ver van mijn bed show. Wij wilden vooral slagen, omdat we wisten dat onze ouders slechts met grote moeite een bisjaar konden betalen.